jul 082011
 

Jaarlijks vindt op de eerste zondag van augustus de Deventer boekenmarkt plaats. Dit jaar werden er voor de eenentwintigste keer kilometers marktkramen uitgestald om de verwachte 125.000 bezoekers te laten grasduinen in de eindeloze rijen boeken en andere paperassen. Een waar walhalla voor de liefhebber van het Twentse boek. Sinds 1999 bezoek ik de markt en ik kom elk jaar weer tevreden in huis. Er is in de loop der tijd desondanks toch wel veel veranderd. Vooral in de beginjaren haalde ik er vele juweeltjes weg. Geheel onbekende fotokaarten uit Twente rond 1900, het zeer zeldzame Producten en Instellingen van de machinefabriek Gebr. Stork & Co. (ca. 1930), Benthems Gids van Enschede en omgeving (1890), werkjes van L. Engbers, pastoor te Vasse (ca. 1858) en C. Leemans’ Oude muurschilderingen van de kerk te Bathmen (1872) zijn het meest noemenswaardig.

In vergelijking met andere boekenmarkten in de omgeving is de kwaliteit echter bar slecht. De ‘opruimingskramen’ lijken als paddenstoelen uit de grond te schieten. Twee euro per boek, drie voor vijf euro, vijftien euro per strekkende meter, stijgende kortingen naarmate de dag vordert, het is meer regelmaat dan uitzondering.

Het verschil tussen de Deventer boekenmarkt en die in bijvoorbeeld Hengelo en Almelo (een goede boekenmarkt ontbreekt in Enschede al jaren, een eerste aanzet is afgelopen jaar gegeven) lijkt voornamelijk het publiek te zijn. Na het middaguur stromen bij mooi weer de tienduizenden toeristen/dagjesmensen/liefhebbers toe, die – zo lijkt het althans – niet met lege handen thuis willen komen en grootschalig goedkope romans inslaan. Zelfs de meest gerenommeerde Nederlandse antiquariaten zien de Deventer markt als een dumpplaats van de boeken waar ze van af willen. Wat over is aan het eind van de dag lijkt soms zelfs in vuilcontainers te worden achtergelaten. Een andere ontwikkeling is de opkomst van ramsjhandelaren die al dan niet beschadigde boeken tegen spotprijzen op de markt brengen.

Gelukkig biedt Deventer ook nog veel positiefs. Wie op tijd is (om acht uur of eerder) kan rustig rondneuzen bij handelaren met de echte antiquarische werken en wie geluk heeft vindt vooral in de eerste uren de meest verrassende dingen. Want dat moet wel gezegd worden, omdat in Overijssel de grootste boekenmarkt van Europa wordt georganiseerd is de kans dat er bijzondere werken vanuit de andere landstreken van Nederland worden aangevoerd bijzonder groot.

De Twenteliefhebber lijkt steeds minder makkelijk te kunnen slagen. Het aantal daadwerkelijk hoogwaardige standhouders neemt steeds verder af. Op de meest recente markt vond ik een luxe ingebonden exemplaar van R.E. Hattinks In en om Almelo (1903), met daarin een exlibris van de toenmalige Almelose gravin van Rechteren Limpurg. De gezelligheid vierde hoogtij, het broodje beenham en de kiploempia smaakten goed. Een ijsje sloeg ik voor het eerst in jaren echter over. Het regende namelijk ontzettend, maar daar kon gelukkig niemand wat aan doen.

Gepubliceerd in: ‘t Inschrien, Vereniging Oudheidkamer Twente, september 2009